zaterdag 9 oktober 2010

Kamer 234b


                                                                                                                                foto: Ed van den Bergen

Kamer 234b


Terwijl ze met het kastje speelt
kreunt ze, licht voorovergebogen
‘natuurlijk heb ik rode ogen
van al dat staren naar dat beeld !’

ze had hem graag een klap bedeeld
ooit was zij wel zozeer bevlogen
nu leeft ze dankzij mededogen
terwijl ze zich hier dood verveelt

maar doodgaan kan soms heel lang duren
ze kijkt naar beelden op TV
het moet haar wat verstrooiing geven
een beetje meer toch dan de muren

de dokter neemt haar klachten mee
hij heeft ze op een blad geschreven.


© bert deben
(Antwerpen, dinsdag 22 juni 2010)


Dit gedicht kreeg een 'Eervolle vermelding' van de jury van
de Poëziewedstrijd Julia Tulkens, Linter, 09 oktober 2010.


maandag 23 augustus 2010

Die Gedanken sind frei – De Gedachten zijn vrij

                                                                                                     
man floating out of head w lightbulb - Dave Cutler
 
 .
Uit mijn hoofd ontglipt een man
die daar al lang gevangen zat
ik had hem blijkbaar onderschat
er broeide heel de tijd een plan
 
hij wist plots wat hij wou, alleen
nog niet echt hoe – het echte leven
zou hem zeker wat adviezen geven –
waarna hij plotseling verdween
 
zo gaat het meermaals met gedachten
ze denken net zolang tot dat ze zijn
en dat het beter buiten is dan binnen
ik laat ze gaan en veel verwachten
 
maar als ik mee met hen verdwijn,
blijft iets in mij zich steeds bezinnen.
 
 
© bert deben
Antwerpen, woensdag 4 augustus 2010  
  
 
Die Gedanken sind frei – De Gedachten zijn vrij :
   
Ik ben niet zo goed in het verzinnen van titels bij mijn gedichten, soms ben ik langer bezig met het zoeken daarnaar, dan met het gedicht schrijven op zich.  Of, zoals in dit geval, met het achteraf zoeken naar informatie achter of bij de titel, zoals waar de uitdrukking 'Die Gedanken sind frei' eigenlijk vandaan komt. 
 
Zoals het wel meer gaat met een zegswijze, komt ook deze uit een gedicht/lied en is die later een eigen leven gaan leiden.  Die Gedanken sind frei was oorspronkelijk een lied uit vier strofen (ergens 1780 voor het eerst op papier gezet).  Later werd een vijfde strofe toegevoegd en werd het gebruikt als dialoog tussen een gevangene en zijn geliefde onder de naam Lied des Verfolgten im Thurm, uit Schweizerliedern.  In 1805 zou het als gedicht worden opgenomen in de Volkse Poëzieverzameling Des Knaben Wunderhorn.  Het gedicht zou later muzikaal bewerkt worden door Gustav Mahler voor zijn Lieder aus "Des Knaben Wunderhorn" voor stem en orkest.
 
De uitdrukking Die Gedanken sind frei bestond echter al veel langer en zou door de middeleeuwse zanger Walther von der Vogelweide (c.1170-1230) als joch sint iedoch gedanke frî voor het eerst bekendheid krijgen.  Maar het is vooral dank zij het gedicht en lied dat de uitdrukking eind 19de eeuw populair werd tijdens de Duitse Revolutie.  In de volgende eeuw werd het dan weer een protestlied tegen de onderdrukking van de vrije meningsuiting door de nazi’s in Duitsland.  Ook nu nog leeft bij velen de uitdrukking verder als een statement van vrije meningsuiting.  Het lied zelf werd in moderne versie nog gecoverd door o.a. Leonard Cohen en door de The Brazilian Girls.
 
Hieronder één van de meest gangbare versies van het gedicht (soms durven strofes ook al eens anders staan).  Ik vond vrij snel een Engelstalige en een Franse versie, maar niet zo direct een Nederlandstalige.  Meteen een uitdaging om het zelf dan maar te vertalen.  Altijd een beetje delicaat, want hou je in eerste plaats rekening met rijm, klank en lettergrepen (voor het lied), of geef je vooral voorkeur aan stemming en inhoud ?  Maar ook de juiste betekenis zoeken achter bepaalde woorden valt niet altijd mee: wat bedoelde de auteur(s) en waar ligt de grens tussen je eigen invulling daarvan en de (niet gekende) invulling van wie het schreef … Ik probeerde een evenwicht te zoeken tussen sfeer en stijl:
 
 
Die Gedanken sind frei
 
 
Die Gedanken sind frei, wer kann sie erraten,
sie fliegen vorbei wie nächtliche Schatten.
Kein Mensch kann sie wissen, kein Jäger erschießen
mit Pulver und Blei, Die Gedanken sind frei!

Ich denke was ich will und was mich beglücket,
doch alles in der Still', und wie es sich schicket.
Mein Wunsch und Begehren kann niemand mir wehren,
es bleibet dabei: Die Gedanken sind frei!

Und sperrt man mich ein im finsteren Kerker,
das alles sind rein vergebliche Werke.
Denn meine Gedanken zerreißen die Schranken
und Mauern entzwei, die Gedanken sind frei!

Drum will ich auf immer den Sorgen absagen
und will mich auch nimmer mit Grillen mehr plagen.
Man kann ja im Herzen stets lachen und scherzen
und denken dabei: Die Gedanken sind frei!

Ich liebe den Wein, mein Mädchen vor allen,
sie tut mir allein am besten gefallen.
Ich sitz nicht alleine bei einem Glas Weine,
mein Mädchen dabei: Die Gedanken sind frei!
 
   
(Die Gedanken sind frei : Zwitsers Volkslied ±1780)  
 
 
Die Gedanken sind frei /
                 de Gedachten zijn vrij
 
 
De gedachten zijn vrij, wie kan ze doorzien,
als schaduwen in de nacht scheren ze voorbij.
Geen mens kan ze kennen, geen jager hen raken
met buskruit en lood, de gedachten zijn vrij!
 
Ik denk wat ik wil en wat mij verheugt,
maar wel in de stilte en zoals het zich schikt.
Mijn wens en begeren kan niemand ontnemen,
daar blijf ik ook bij: de gedachten zijn vrij!
 
Sluit men mij op in een duistere kerker,
dan is dat nutteloos en vergeefs.
Ik denk wat ik wil en geen muren of tralies
verhinderen mij, de gedachten zijn vrij!
 
Ik ontdoe mij voor altijd van zorgen,
en wil mij ook nooit meer met grillen bedrukken.
In het hart kan men immer lachen en grappen,
en denken daarbij: de gedachten zijn vrij!
 
Ik hou van de wijn, maar nog meer van mijn lief,
die mijn geluk nog het beste vervullen kan.
Ik zit dan ook niet alleen naast dit glas met wijn,
mijn lief zit er bij: de gedachten zijn vrij!
 
 
vertaling © bert deben
Antwerpen, maandag 23 augustus 2010.


zaterdag 19 juni 2010

Antwerp Pride

.
.
Antwerp Pride
                        ’t stad is van iedereen!
.
Het zomert weer kleur in de stad
een djembe, de klank van de kaaien
hier heb ik al zoveel maal lief gehad
ik zucht, adem diep, laat het waaien

het mag, hand in hand hier flaneren
met de fierheid van twee kathedralen
in de stad aan de stroom jou begeren
langs volle terrasjes verdwalen

toch steken wij af in de ogen
men twijfelt, verbazing, gelach
twee mannen, het blijft nog apart
ik zoen jou tot meer dan gedogen

ik ben wie ik ben en blij dat ’t hier mag
zo draag ik het stad in mijn hart !


© bert deben
Antwerpen, vrijdag 09 april – maandag 26 april 2010.

Antwerp Pride gedicht werd geschreven in opdracht van en gepubliceerd in ‘de magneet’ juni 2010,
kwartaaltijdschrift van het roze huis – Antwerpse regenboogkoepel en gepubliceerd in bundel ‘Vrijspraak’ van uitgeverij Proces-Verbaal feb.2020  

het programma voor Antwerp Pride: https://www.antwerppride.eu/ 
 

woensdag 17 maart 2010

Lente !

.
.
Lente
.
Klop klop
wie daar
de lente
ik open de deur 

gele bol
op discreet blauw
krokus duwt zich
scheutig
de grond uit
gras verschiet
naar feller groen  
en zestien warme graden
omhelzen mij 

ik graai
uit de kast
een frisse glimlach
en twee wandelschoenen
en begin voorzichtig te fluiten.
 


© bert deben
Antwerpen, woensdag 17 maart 2010
 


dinsdag 9 maart 2010

De Brug

.
 Antwerpen, dinsdag 9 maart 2010, voor Dana 
 
               werd mei 2019 gepubliceerd in gedichtenbundel 4e Poëzieprijs vtbKultuur Holsbeek       

zondag 14 februari 2010

Stoom


.
Stoom  
 
Je reinigt de muren met stoom
vindt rust met een mok en een peuk
en ligt soms om mij in een deuk  
je leest tussen regels mijn droom
 
begeren wil niet altijd zwijgen
maar je hebt nooit zo veel vertellen
het hoeft niks minder voor te stellen
de kleinste woordjes overstijgen 
 
een gedicht, behoorlijk ingekort
soms valt het enkel maar te voelen
liefdevol samen naast mekaar
het vlees dat langzaam wakker wordt  
 
bedaarder dan het verlangen maar
ik weet zo wat jij wil bedoelen. 
 
 
© bert deben
Antwerpen, woensdag 19 januari 2010, voor Ruud.
 

  

donderdag 7 januari 2010

Ik heb een ziel die zich verveelt in mij



 
Ik heb een ziel die zich verveelt in mij
en alsmaar hoopt om te ontsnappen
naar buiten toe staat zij te grappen
maar diep van binnen wil ze vrij

ik ben voor haar alleen maar muren
met zicht op wat ze zo graag wil
de hemel, zegt ze soms heel stil
daar wil ze mij naartoe besturen

maar ik zit hier zozeer op aarde
zo zwaar van moed dat het haar spijt
dat zij het leven ooit bekoorde

ze ziet in mij geen grote waarde
soms kan ze mij een beetje kwijt
in veertien regels met wat woorden.

 
© bert deben
Antwerpen, donderdag 7 januari 2010.  

.