dinsdag 1 december 2009

Ik ben een kikker die gekust wil worden ... (n.a.v. Wereld Aids Dag)

.
Antwerpen, 10 februari 2002, voor Patrick
 
  
3de prijs Kunstenfestival Circa 2009 Antwerpen
bijhorend blog: Leven en Liefde met HIV 
 
 
 'Ik ben een kikker die gekust wil worden' werd gepubliceerd in het programmaboekje van Circa 2009, in Sensor (Sensoa) en in 'Dansen in het luchtledige - Leven met HIV' de autobiografie van Patrick Reyntiens, geschreven in samenwerking met auteur Luc De Keersmaecker
 

donderdag 29 oktober 2009

Klein familiedrama

.
.

Klein familiedrama

 
Vader heeft zonet naast mij mijn moeder dood geslagen
al schokt zij nu, terwijl ik schrijf, nog beetjes na
hij kon, zegt hij, het echt niet langer meer verdragen
dat zij altijd te veel slasaus deed op sla 

‘nochtans kon zij goed koken’ zegt vader nu met spijt
hij stelt zijn heftige reactie wat in vraag
‘misschien dat zij terug begint te ademen met de tijd’
over het algemeen genomen, zag hij haar wel graag  

vader schudt nu moeder door elkaar, het kan niet baten
het mens was altijd al wat koppig en blijft dood
vader grist nu uit de tafelschuif een mes en vraagt  

‘mijn zoon, waarom kunt gij het schrijven thans niet laten’
de aderen in zijn ogen kleuren rood
ik zeg : ‘omdat het de verveling wat verjaagt’.  

II  

Omdat het de verveling van het leven wat verjaagt
heb ik de pen en het papier een deel van mij gemaakt
ik kan niet zonder meer, de werkelijkheid is godgeklaagd
ik zie hoe vader in een soort geagiteerde roes geraakt  

het mes dat hij genomen heeft, blinkt glanzend in het licht
hij grijnst, er druppelen wat parels op zijn hoofd
het mes gaat nu op zoek naar angst en wordt naar mij gericht
ik kijk niet op, ik heb mezelf nog een sonnet beloofd  

want zo ben ik, eens dat ik volop aan het schrijven ben
kan niets mij van mijn doel beletten
ik ben een schrijver, en een schrijver schrijft  

dan ploft het mes doorheen mijn hart, maar ik blijf zen
het bloed spuit overheen mijn twee sonnetten
ik vind dat hij vandaag wat overdrijft. 
 

© bert deben
Antwerpen, donderdag 29 oktober 2009, om de verveling wat te verjagen …


zaterdag 10 oktober 2009

De dood staat naast mij, hij wacht ...

 

De dood staat naast mij
. 
De dood staat naast mij, hij wacht
hij luistert, naar hoe ik adem haal
hij kijkt bezorgd, ik adem zacht
ik adem langzaam maar normaal
 
hij luistert, naar hoe ik adem haal
hij hoopt dat ik misschien alsnog
ik adem langzaam maar normaal
’t moet ongedwongen gaan, maar toch
 
hij hoopt dat ik misschien alsnog
soms gaat het vlugger met wat bijstand
’t moet ongedwongen gaan, maar toch
boven mijn mond zweeft nu zijn hand
 
soms gaat het vlugger met wat bijstand
de dood staat naast mij, hij wacht
boven mijn mond zweeft nu zijn hand
hij kijkt bezorgd, ik adem zacht.
 
 
© bert deben
Antwerpen, dinsdag 27 mei 2008.


Dit gedicht werd mee opgenomen in ‘Ademtocht’ van Linda Wormhoudt:
.


Ademtocht.

Verhalen over de dood.

De dood is de man met de zeis, de rustbrenger, de insluiper, maar ook de welkome gast. De dood is alles en niets. De dood confronteert ons met wat we vrezen, wat we verwachten, dat wat we kennen, ontkennen, erkennen. De dood is deel van ons leven, of we willen of niet.
 
 
 

.
De dood als onlosmakelijk onderdeel van het leven heeft sjamaniste Linda Wormhoudt altijd al gefascineerd. Ze deed veel onderzoek naar rituelen rond de dood in verschillende culturen, omdat deze veel vertellen over mensen en het leven dat ze leiden. Ze kent zelf een aantal gezichten van de dood en weet dat hij aan ieder mens weer iets anders van zichzelf laat zien. Vaak gekleurd door cultuur of achtergrond, soms door angst, soms door hoop. De dood trekt zich niets aan van grenzen, de verhalen spelen zich dan ook af tegen verschillende culturele achtergronden en in verschillende tijden.

Coby Schilder tekende met potlood bezielde portretten van enkele hoofdpersonen. Niet van de dood zelf, want zoals u weet heeft die vele gezichten. 

Tijdens de presentatie van het boek op 10 oktober 2009 te Amsterdam mocht ik enkele gedichten voordragen over de dood.

Poetry in the Picture



TENTOONSTELLING in het ROZE HUIS

Café Den Draak

1ste verdieping 

  Draakplaats 1 – Antwerpen 


Gedichten van Bert Deben

in fotografische ontsluitingen

   

De tentoonstelling loopt

van 10 oktober tot 10 december 2009

in de vergaderzaal van het Roze Huis

   

toegang via de deur uiterst links van de bar

 (enkel te bezichtigen als er geen vergaderingen plaatsvinden in de ruimte)





Tentoongestelde gedichten: 
                                      (klik op de titel als je ze wil bekijken)

Ik ben vannacht jouw toevluchtsoord (op een kussensloop) 

Een bultrugwalvis in een bubbelbad

Vetorecht  (op een kader met borduurwerk) 






     met dank aan Bob Torfs voor de ophang en David De Backer voor de kaders en enkele foto's

woensdag 23 september 2009

De Onbekende Soldaat


 
De Onbekende Soldaat

Mijn eerste liefde was soldaat
hij stond naast mij, ontkleedde zich
en zag hoe ik verlegen keek
de tijd leek even stil te staan
 
daarna deed hij een zwembroek aan
uitdagend – zo denk ik nu – zijn volle hand
nog in zijn slip, gaf hij mij snel een lach
toen zag ik niets meer, hij verdween
 
ik was een kind, een jaar of acht
we gingen zwemmen met de klas
waarbij ik steeds de laatste was
hij was behaard en donkerblond
 
ik was verliefd en wist het niet,
ik wist niet eens dat het bestond.
 
 
© bert deben
Normandië, 10 juli 2oo2 
 
 
23 september 2009 mocht ik uit handen van Pascal Smet, Vlaams minister voor Gelijke Kansen, Jeugd en Onderwijs, de eerste prijs in ontvangst nemen voor de Poëziewedstrijd van het HolebiHuis Vlaams Brabant, te Leuven.


5 gedichten van mijn hand werden genomineerd, de 4 andere genomineerde gedichten :
.

Boulevard of broken dreams

.


Ik wandel door een straat met
enkel huizen waar ik woonde
van koning tot onttroonde
en zie door elke muur nog ieder bed

nog elke stoel waar ik mij neergezet
van alle fouten ooit verschoonde
de treurnis en de weggehoonde
lieflijkheid – met trage tred

passeer ik peinzend elke gevel
elke wroeging, elke wrevel
elk thans van pijn ontdaan gemis
ik lach mijn oude partners teder toe

gekwetst zien zij alleen maar hoe
mijn glimlach afgemat van leven is.


© bert deben
Antwerpen, 1 april 2001


Nominatie Poëziewedstrijd HolebiHuis Vlaams Brabant, Leuven 2009.
Gepubliceerd in de bloemlezing ‘uitgelicht’
bijhorend blog :


 
.

zaterdag 5 september 2009

Kleine Zekerheden

.
.
Kleine Zekerheden
.
Het lijkt wel of het groter wordt
de liefde en hoe ik geniet
van het dessertje op mijn bord
dat jij met sausjes overgiet
  
ik smul van jou en blijf maar eten
ook als je straks niet bij me bent
dan word ik zelfs nog naverwend
alleen al maar door het te weten
  
je bent, zeg ik dan heel bescheiden
van mij, van mij, van mij alleen
terwijl ik jou met mij bedelf
  
want ook al ga je straks weer heen
en ben je meer nog van jezelf
de weg zal weer naar mij toe leiden.
  
   
© bert deben
Berlijn, zaterdag 5 september 2009, voor Ruud

.

.

maandag 27 juli 2009

vrijdag 24 juli 2009

De woordjes glijden langzaam binnen

 

De woordjes glijden langzaam binnen
met een deeltje van mezelf
al wil ik graag ook helemaal
mezelf verstoppen  

in een kamertje van jou
met zicht op zacht gemoed
en een zee van tijd  

de zon schijnt buiten minder fel
maar binnen straalt het door me heen  

zo klein en warm en niet alleen
er even niet meer zijn  

en toch nog wel. 
 

© bert deben
Antwerpen, vrijdag 24 juli 2009, voor Ruud.
 


zondag 12 juli 2009

La Belle Epoque se livre - interview met een gevel van de Cogels-Osylei + Jaardichter Cogels-Osylei 2009





.
In 2009 kreeg ik de eer om Jaardichter te zijn van de Cogels-Osylei – voor wie deze straat in Antwerpen-Berchem (wijk Zurenborg) niet zou kennen, ze is wereldberoemd door haar statige huizen (kleine kastelen soms) in jugendstil, art nouveau, neoclassicisme en eclecticisme, gebouwd tussen 1881 en 1914, de ‘Belle Epoque’.   
 
De Cogels-Osylei is nu een publiekstrekker voor architectuurliefhebbers van over heel de wereld, maar in de jaren 70 werd de beslissing genomen om de toenmalige (in verval geraakte) gebouwen met de grond gelijk te maken en te vervangen door flatgebouwen.  Uiteindelijk gebeurde dat niet, maar wat weinigen weten is dat dit voor een deel het gevolg is van een krakersbeweging van hippies en kunstenaars, die de gebouwen niet enkel bezet hielden, maar ook stilaan begonnen te renoveren (later met financiële steun van monumentenzorg die eindelijk de culturele waarde van de huizen wist in te schatten) 
  
Op vraag van kunstenares Veerle Rooms, heb ik het verhaal van de krakers verwerkt in het gedicht dat ik schreef ter gelegenheid van het jaarlijkse Lavendelfeest in de Cogels-Osylei.  In een eerder geschreven gedicht verwerkte ik dan weer vooral de toen (en nu nog steeds) opspelende protesten tegen het hele drukke busverkeer dat dagelijks over de kasseien raast in deze straat - door de vele trillingen en de zware diesel- en fijnstofvervuiling worden veel architectonische details aangetast. 
 
Tijdens het Lavendelfeest op 11 juli 2009 mocht ik voor de bewoners van de Cogels-Osylei beide gedichten voordragen samen met een aantal andere gedichten.
 


Mooi en meedogenloos 
Getekend door een lange strijd, gerenoveerd
veranderd door de tijden, hekken, poortjes en
portalen, inritten voor auto’s nu, van schrale
grond tot heerlijkheid en praalpaleizen 

statig verrijzen zij, nog steeds, na veel bedreigen
mooi, meedogenloos, eclectisch in hun stijlen
te grote bussen donderen voorbij
op te gevaarlijke kasseien, la Belle Epoque 

het trilt tot in de spijlen – Brabo en Jan Breydel
De Coninck (ja, zelfs beiden), Carolus Magnus
een overvloed aan vaderland en uit de andere
contreien, Minerva, godin van de Romeinen 

Apollo, Griekse God van esthetiek, ooit stond hij
op verdwijnen, maar flatgebouwen hoont hij weg
hij schrijft hier eeuwigheid, meer schone tijden
Jugendstil en Art Nouveau, alles wat ooit neo was 

oneindig wil hij blijven.
 

© bert deben
Antwerpen, dinsdag 16 juni 2009, 1ste Cogels-Osylei gedicht 2009.

 
 .

La Belle Epoque se livre

 (interview met een gevel van de Cogels-Osylei)
.  
Een bus scheurt in te snelle vaart voorbij
het dondert als een onweer op kasseien
verheven laat de gevel het betijen:
“De werkstress van de wegwerpmaatschappij !” 

“We hebben het gezien doorheen de tijden,
veranderingen, hoogmoed voor de val
senators, officieren, boven al
de Bourgeoisie !  Maar laat U niet misleiden …” 

“Bijna vervallen werden we verstoten.
We kostten geld, we moesten ruimte maken
voor Amelinckx ! We lieten alles kraken –
in oorlog zoekt men vreemde bondgenoten !” 

“Absurd, niet waar, dat het de hippies waren
die zich voor praalzucht hebben ingezet.
La Belle Epoque, door ‘werkschuw tuig’ gered !
Nu zijn ze ingeburgerd met de jaren !” 

“Kunstenaars, architecten, journalisten,
ze hebben zich gesetteld, zijn gebleven,
wij geven hen bezieling voor het leven,
zoals wij schoonheid geven aan toeristen !” 

Dan begint de oude gevel heel spontaan
over naakt zijn voor een lens en graag poseren
en vraagt of ik hem wil fotograferen.
Ik antwoord heel beleefd dat ik moet gaan, 

maar vraag hem nog een slotzin voor ik stop.
Weer stormt een bus voorbij, ik merk zijn wrevel
“Dat verkeer moet dringend zachter !” zegt de gevel,
als ik ga, haalt hij hautain de schouders op.
 

© bert deben
Barcelona/Antwerpen, juni 2009, 2de Cogels-Osylei gedicht 2009.
 
  foto’s maart 2016 - © bert deben
 


donderdag 9 juli 2009

Je was wat moeilijk – zei je van jezelf

 .
Je was wat moeilijk – zei je van jezelf 
zoende je nogmaals en verliet 
met sier mijn hemelgewelf  

in mijn achterzak een klein zwart gat 
waaruit je niet snel zou ontsnappen 
en een bundeltje met grappen 
die vroeger al succes hadden gehad 

je lachte zoals ik zelden had ervaren 
karakter op een bedje van buiten de stad 
met in jouw ogen tederheid 

maar toen ik voor jou op mijn knieën zat 
zei jij dat het de pilletjes waren. 


© bert deben 
Antwerpen, donderdag 9 juli 2009, voor Ruud.