zondag 29 oktober 2000

tot aan het niet meer kunnen

.

Ik las jou mijn gedichten, zittend
in een zetel van vergaan beminnen

al drongen die voor jou dan binnen
als een algebra van woorden 

maar het bekoorde jou als ik ze las
de wereld werd iets stiller en

ik streelde jouw betekenis
ik schreef jou tot een deel van mij

vanaf jouw lach tot aan de pijn
en nu tot aan het niet meer kunnen.


© bert deben
Antwerpen, zondag 29 oktober 2000, voor Frank B. 
.

.

zaterdag 28 oktober 2000

3 Kaarsen



1 op tafel
1 in de spiegel links
1 in de spiegel rechts

net als ik  
de eenzaamheid
in stereo. 


© bert deben
Antwerpen, zaterdag 28 oktober 2000. 

 


zondag 22 oktober 2000

Kevin op het pleintje

  

Kevin op het pleintje 

.
17 lentes was je en ver verwijderd 
van mijn werkelijkheid, een stemmetje 
dat soms nog oversloeg en vooral 
heel erg bezorgd was over belkosten 

kleine donkere haartjes stippelden 
de weg uit op een vanillekleurig 
erg plat buikje en niet veel later 
was je aangekleed en weer bezorgd 

over hoe op tijd thuis kunnen zijn 
je hengelde naar een rit in de auto 
maar ik was met de fiets en werd 
terstond overbodig, ik keek nog 

naar hoe jij verdween in mijn herfst 
een klein strookje zonneschijn. 


© bert deben
Antwerpen, Hendrik Conscienceplein, 22 oktober 2000,  
voor een Kevin.

 

vrijdag 20 oktober 2000

Stilleven



STILLEVEN 

Ik vergeet je elke dag een beetje meer
minder denkend in gedichten aandacht
schenken aan details van jou, de kou
is slechts de koude van oktober

sober staat de kachel wat te branden
niet merkend dat het winter werd
en buiten staat een pot chrysanten
te wachten op iets van een graf, ik tracht

kijkend naar stilleven jouw afwezigheid
geen aandacht meer te geven.


© bert deben
Antwerpen, 20 oktober 2000, voor Frank B. 



maandag 2 oktober 2000

Ik streel het bed waar jij en ik begon

 .                                                                                                                      
Ik streel het bed waar jij en ik begon
het laken voelt verlaten maar je leeft
nog naakt naast mij, vertraagd, voorbijgestreefd
versteend in bloed achter de horizon  

het kussen leent zich als een blok beton
ik stoot mijn hoofd aan hoe jij niet meer geeft
om mij, aan hoe jouw herinnering kleeft
aan al wat achterblijft – jij overwon  

jouw twijfels, jouw angst, jouw kale eenzaam-
heid en je liet mij achter met de lijken
ik ruim ze langzaam op, hen nog ontwijken
kan ik niet – ik leg me wee naast hen, lijdzaam  

hoe ik me draai of keer, ze blijven kijken
ze fluisteren één voor één jouw naam. 
 

© bert deben
Antwerpen, o2 oktober 2ooo, voor Frank.

 
 
Werd gepubliceerd in literair-cultureel tijdschrift Schoon Schip Jg21, nr.2 - juni 2014