zondag 20 juni 1999

Moeder inspecteert het venster



Thuis

V
oor moeder moet het leven heel doorzichtig zijn
een levensinhoud vol ammonia en javel
ze zal het huis ook nooit verlaten, zonder snel
het glas te controleren achter het gordijn

je kan de ruiten schijnt ook kuisen met azijn
is haar antwoord, als vader haar bezorgd vertelt
dat de wereld naar de kloten gaat, ze voorspelt
dat het zelfs schoner zal zijn, maar de zonneschijn

toont haar vegen die ze vroeger toch nooit echt had
ze grijpt dus opnieuw naar het oude procedé  
en naar haar emmers en haar zeemvel en gedwee
verwijdert ze al de strepen en elke spat

vader gaat tegen het beleid op oorlogspad
moeder, inspecteert het venster en is tevree.


© bert deben 
Antwerpen, zondag 20 juni 1999,
geschreven na het zien van de film ‘The Hanging Garden’. 



zaterdag 5 juni 1999

Ik hoor daar buiten vogels fluiten

.


Ik hoor daar buiten vogels fluiten
mooier nog dan Strauss of Bach
en kijk doorheen gezeemde ruiten
en vraag hen of ik buiten mag

U bent reeds buiten – wij zijn binnen
zei één der vogels met een lach
waarna ik even moest bezinnen
en zien ook wat die vogel zag

de hele wereld is een woonst
voor ieder die van vrijheid houdt
en alles is er om het schoonst

de vogels fluiten hun refrein
een ode aan het wereldwoud
waar wij te weinig deel van zijn.


© bert deben
Châteaux des Beaux Arts, Rendeux, 5 juni 1999, voor Lisa.

 

gepubliceerd in bloemlezing ‘Verwondering’ Bonheiden 1999 
en in ‘Bahá'í Vizier’ jg 39 nr 4, 2000