Posts tonen met het label vrije liefde. Alle posts tonen
Posts tonen met het label vrije liefde. Alle posts tonen

zondag 12 april 2026

De kus bij het ‘Hôtel de ville’


Geschreven woensdag 8 april 2026, zittend in het 'Parc de la Boverie' te Luik, na een bezoek aan de expo rond fotograaf Robert Doisneau, in het Boverie museum. Zijn foto van het kussende paar voor het Hôtel de Ville in Parijs is één van de meest bekende en iconische beelden uit de fotografie.

Hoewel de foto heel spontaan lijkt, is het toch een in scène gezette kus tussen 2 ingehuurde acteurs (Jacques Carteaud en zijn toenmalige vriendin Françoise Delbart) als onderdeel voor een opdracht van Life, die een reportage wilden plaatsen over verliefde koppels in Parijs. De foto werd in juni 1950 gepubliceerd in het magazine en raakte daarna in de vergetelheid.

Pas in 1985 werd de foto herontdekt en uitgebracht als poster en zichtkaart door Victor Françès, uitgever van postkaarten. Het werd een ongekend succes en haalde wereldwijd krantenkoppen. Gevolg was niet enkel dat de foto wereldberoemd werd, maar er volgen ook heel wat claims en rechtszaken van mensen die zichzelf zogenaamd herkenden als één van de zoenende personages, waarvoor ze graag financieel gecompenseerd wilden worden. Uiteindelijk werd tijdens de processen openbaar gemaakt wie het echte zoenende paar was.


donderdag 2 oktober 2025

De nieuwe partner


De nieuwe partner
wordt voorgesteld aan de groep
iedereen wacht af.

Elk van ons maakte zich toch wel wat zorgen om haar. Haar vorige partners bleken niet de meest liefdevolle individuen te zijn geweest en ze viel altijd wel op ruigere types. Allemaal hoopten we op een wat meer deugdzame figuur, maar we wisten al wel beter. Ze ging uit in wat wij kenschetsten als de zware buurt en een ruzie of zelfs een vechtpartij schrikte haar nooit af. Ze zocht, zo zei ze zelf, naar iemand waarbij ze zich altijd beschut kon voelen.

Op het eerste zicht
lijkt hij wat op een buldog
constant aanvalsklaar
maar hij is zo lief, zegt ze ­
zelf heeft ze pepperspray bij.


© bert deben
Tanka: Wienerwald, dinsdag 3 mei 2016 +Haiku + proza: Vogelwaarde 2025.

Tanhaibun geschreven voor schrijversgezelschap Apropos voor het oktober thema ‘Uitkijken’
In een tanhaibun wordt beknopt én beeldrijk proza gecombineerd met een haiku én een tanka. Het streven is om het proza en de poëzie in een spannende verhouding tot elkaar te laten staan, zodat de lezer zich kan inleven in het verband.

dinsdag 2 september 2025

Sunny side up



Geschreven i.o.v. schrijversgezelschap Apropos
voor het september thema ‘Spiegelei’
Vogelwaarde, augustus 2025

woensdag 4 juni 2025

Je keurde, je lachte


.
Geschreven voor de maandopdracht van schrijversgezelschap Apropos 
met als juni 2025 thema ‘Een onverwacht bericht’

21 juni 25 gepubliceerd op lightverse site Het Vrije Vers 

vrijdag 31 maart 2023

Ik ween om bloemen - Willem Kloos

 

LXI.
 
Ik ween om bloemen in de knop gebroken
En vóór de uchtend van haar bloei vergaan,
Ik ween om liefde die niet is ontloken,
En om mijn harte dat niet werd verstaan.

Gij kwaamt, en 'k wist -- gij zijt weer heengegaan...
Ik heb het nauw gezien, geen woord gesproken:
Ik zat weer roerloos nà die korte waan
In de eeuwge schaduw van mijn smart gedoken:

Zo als een vogel in de stille nacht
Op ééns ontwaakt, omdat de hemel gloeit,
En denkt, 't is dag, en heft het kopje en fluit,

Maar eer 't zijn vaakrige oogjes gans ontsluit,
Is het weer donker, en slechts droevig vloeit
Door 't sluimerend geblaarte een zwakke klacht.  
 

Willem Kloos 
(Amsterdam, 6 mei 1859 – Den Haag, 31 maart 1938) 
uit 'Verzen' (1894 - definitieve tekst 1948) 

www.literatuurgeschiedenis.org/willem-kloos  

.


donderdag 27 oktober 2022

De Jager en de Prooi

.
JAGER & PROOI 
 
Hij vond zichzelf volmaakt, of sterker nog
hij vond zichzelf tot daden uitverkoren
waar de middelmaat niet voor was geboren
dat plebs verdween na de daad in zijn zog

in de spiegels naast en boven het bed
bewonderde hij zijn eigen contouren
maar nimmer zijn prooi, het waren slechts hoeren
voor hem voor zijn lozen op aarde gezet

getuigen waren er nooit, ook deze man werd
in de duisternis door hem aangesproken
hij vroeg zijn prijs ­­~ had hij onraad geroken
zijn halsader trilde als van een angstig hert

gemaakt, hautain en veel te duur gekleed
hij kende het soort, alles meegekregen
van thuis, ze kwamen wel meer op zijn wegen
maar waar hij het uiteindelijk voor deed

was niet zozeer het geld, maar het spel
van wie er zichzelf tot wat zou verlagen
het geven en nemen, krijgen en vragen
en ja, zijn witte sneakers wilde hij wel

ze lagen naast elkaar, beiden ontbloot
het trage verbleken vond hij telkens zo mooi
hij wist nu wie de jager was, en wie de prooi
de witte sneakers kleurden langzaam rood. 
 
 
© bert deben
Trein Antwerpen - Brussel, 6 oktober 2022.   
 

‘Rode gymschoenen’ was het november thema van Schrijversgroep Apropos en het moest een fictief verhaal zijn. Met Halloween in aantocht leidde de fantasie tot een stukje horror waarbij ik graag de vraag open laat: wie is de jager en wie de prooi? 
En ja, evenzeer: is het ook werkelijk fictief??

vrijdag 5 november 2021

Etter | Vertalersweelde Giorgio Baffo

.

Zaterdag 23 oktober 2021 werd de nieuwe bundel van Stichting Spleen in de reeks ‘Vertalersweelde’ voorgesteld in het Poëziecentrum te Nijmegen. Voor deze bundel werden gedichten van Giorgio Baffo vertaald door Mereie de Jong. Het eerste exemplaar werd tijdens de voorstelling overhandigd aan Zijne Excellentie Giorgio Novello, ambassadeur van Italië. Zondag 7 november volgt er ook nog een voorstelling van de bundel bij Boekhandel Scheltema te Amsterdam.

Giorgio Baffo (1694 – 1768) was o.a. betrokken bij de opvoeding van Casanova en verdiende de kost als magistraat, maar bovenal was hij een vormvaste dichter die zijn inspiratie vond in de seksuele uitspattingen van zijn tijd, waarbij scabreus taalgebruik absoluut niet werd geschuwd. Apollinaire omschreef deze dichter als de grootste ‘poète priapique’ die ooit had geleefd. In 1987 werd er een naamplaat onthuld bij de woning in Venetië waar hij de laatste jaren van zijn leven had doorgebracht.

Dertien hedendaagse dichters, met name: Piet Gerbrandy, Bert Deben, Jos van Hest, Joop Alleblas, Anne-Marie Maartens, Maria Pommerel, Catalijne den Os, Anneke Schampaert, Jolies Heij, Adriaan Krabbendam, O.B. Kunst, Johan Wambacq en Kees Godefrooij, lieten zich inspireren door het werk van Baffo en leverden responsgedichten aan voor de bundel. 

Van mijn hand werden zowaar 12 gedichten opgenomen in de bundel, nl.: 'Sonnet voor Baffo'; 'Venus voor de zon'; 'Ik zocht in jou hoe klein ik was'; 'De bijbel'; 'Begin van alle leven'; 'Hoer'; 'HPV'; 'Ik ga zo vreemd als verre landen'; 'Rood'; 'Mijn ouder vel'; 'Golden Shower' en bovenstaand gedicht 'Etter', een lightverse repliek bij het gedicht van Baffo 'De auteur loopt sief op'. 

Een bespreking van de bundel kan men lezen op de website van Meandermagazine: 


dinsdag 23 juni 2020

Instagram + 'Assonances galantes II' van Paul Verlaine


         Instagram

Je stuurt, ver weg, een foto door
ik zie nu, dankzij Instagram
jouw mooie buik, het haartjesspoor

het leidt me op een dagdroomtrip
de vorm van jouw nog malse stam
met scrotum in een zwarte slip

je geeft niets bloot en toch zo veel
gekrulde haartjes op de dijen
het tonen van een onderdeel

terwijl ik zoveel meer verlang
en zin heb om met jou te vrijen
we fantaseren al zo lang

misschien, wordt het nooit meer dan dit
verleiden op het internet
en denken dat er meer in zit

een reikhalzen en onvoldaan
met slechts een iPad op het bed
toch klik ik weer jouw foto aan.


© bert deben
Vogelwaarde, maandag 30 december 2019, voor Wim. 

Responsgedicht bij gedicht ‘Assonances galantes II / Liefdesklanken II’ van Paul Verlaine voor het Verlaine project met reflecties van vierenvijftig dichters, een uitgave van Stichting Spleen: 18 gedichten van Paul Verlaine in gloedvolle en gloednieuwe vertalingen van Gerda Baardman, Simon Mulder en Mereie de Jong en 58 dichters lieten inspireren door deze gedichten van Verlaine.  Met dank aan Kees Godefrooij voor zijn inzet als bezieler van Stichting Spleen, die na deze bundel zal stoppen met uitgeven. 
Assonances galantes II

Là ! je l'ai, ta photographie
Quand t'étais cette galopine,
Avec, jà, tes yeux de défi,

Tes petits yeux en trous de vrille,
Avec alors de fiers tétins
Promus en fiers seins aujourd'hui.

Sous la longue robe si bien
Qu'on portait vers soixante-seize
Et sous la traîne et tout son train,

On devine bien ton manège
D'abord jà, cuisse alors mignonne,
Ce jourd'huy belle et toujours fraîche ;

Hanches ardentes et luronnes,
Croupe et bas ventre jamais las,
À présent le puissant appât,

Les appas, mûrs mais durs qu'appètent
Ma fressure quand tu es là
Et quand tu n'es pas là, ma tête !                
.

Paul Verlaine (1844 - 1896) 
Chair (1896)

Assonances galantes II - Paul Verlaine lu par Yvon Jean:

.

maandag 30 maart 2020

Doolhof van verlangen

 Illustratie: Labyrinth - Mark Mayers

Doolhof van verlangen

Een dwaler ben ik al die tijd geweest
verloren in een doolhof van verlangen
van alles los en toch ook heel verhangen
in grenzeloze liefde onbedeesd

lichtzinnig maar oprecht en vrij van geest
al zat ik in die vrijheid ook gevangen
verloren in een doolhof van verlangen
een dwaler ben ik al die tijd geweest

in duisternis en nergens voor bevreesd
behalve dan voor mijn gedachtegangen
en voor geluk waarschijnlijk nog het meest  
een dwaler ben ik al die tijd geweest
verloren in een doolhof van verlangen.


© bert deben
Vluchtoord Vogelwaarde, zaterdag 28 maart 2020. 


dinsdag 6 november 2018

Winnaar poëziewedstrijd 'dichter uit de schaduw' met Blind Date

.

Ik ontving het aangename bericht dat ik de winnaar ben van de poëziewedstrijd 'dichter uit de schaduw' 2018met mijn inzending van drie gedichten rond het thema:
. 

December in een park in Oostende
blinde afspraak, er wandelen allerlei
figuren voorbij die voor mij voldoen
aan nooit gezien en anoniem  

ik zit, als een dichter, pen ter hand
kladschrift, opvallend in het middel-
punt van niemands belangstelling
op de rand van een kiosk in arduin  

rekening houdend met het feit dat we
allen gehaast zijn en allen te laat, gun
ik iemand het voordeel van de twijfel
en schrijf ik de tijd tot waarde neer  

tot achter mij, straalbezopen, een stem
aan een man vraagt of hij toevallig ik is. 
 

© bert deben

De 2 andere gedichten kan je lezen als je op onderstaande titels klikt:
'Ik ben vannacht jouw toevluchtsoord'
'Na het vrijen steek ik een gedicht op'  

De aankondiging door de schaduw:

Beste poëzieliefhebber, 

We kregen maar liefst 150 gedichten van 50 verschillende dichters toegestuurd. Het was een waar plezier om ze te lezen, een hel om de winnaars te bepalen. Het niveau lag weer hoog: er is zoveel talent in Vlaanderen en Nederland. We zijn blij dat we met onze wedstrijd enkele dichters voor het voetlicht kunnen brengen. 

De winnaars zijn...
De jury, bestaande uit Reinout Verbeke, Paul Rigolle, Rino Feys, Benedikte Crombez, Edward Hoornaert en Liselotte Vercaigne, had er een hele klus aan, maar slaagde er toch in om volgende drie winnaars aan te duiden:

1. Bert Deben
2. Hein van der Schoot
3. Annette Akkerman


Gefeliciteerd! Zij krijgen op onze Literaire Living een boekenpakket aangeboden door Boekhandel De Zondvloed, en Bert Deben hopen we oprecht op ons podium te zien verschijnen.

N
aar onze Literaire Living?
Wil je graag onze Literaire Living bijwonen en Mark van Tongele, Christophe Vekeman, Carmien Michels en Tsead Bruinja aan het werk zien? Dat kan:
 
Zaterdag 24 november 2018 te 20:00 uur
Cultuurkapel De Schaduw - Wezestraat 32 - 8850 Ardooie
 

Tot slot
Dan rest ons nog één boodschap:  blijf schrijven! De wereld wordt er enkel mooier van.

Hopelijk tot op onze Literaire Living!

De Schaduw
 

donderdag 22 februari 2018

De man in mij moet weg

.10 Hoog - fotograaf: Nick Dachet    
 
De man in mij moet weg
op zoek naar leegte en onzekerheid
hij bespiegelt, hij kijkt
en pleegt in zichzelf overleg 

hij wikt en weegt en weet
en gaat tegen beseffen in
naar plaatsen waar geen toekomst ligt
een droombeeld vol hiaten  

hij dwaalt, hij zwerft, hij houdt
zich vast aan wat hij los wil laten
hij kijkt niet meer, hij observeert
en slaat het kleine falen gade  

de drukte, het geraas, de vlucht
het toebrengen van schade. 
 

© bert deben
Antwerpen, zaterdag 18 februari 2017, 23u28.
 

 
 .werd feb 2018 gepubliceerd in digitaal tijdschrift Po-e-zine nr 15 

vrijdag 1 september 2017

Eeuwig jong

.
.


Eeuwig jong  

Eeuwig jong was doen alsof 
ik achtentwintig was en 
zwijgen over jaren 
die verloren zijn  

in een zwart satijnen hemdje 
en een nonchalante houding 
eeuwig jong is nooit voltooid 
maar ondertussen lang geleden 

als ik kijk nu naar die pose 
denk ik even aan ons allebei 
en aan die nacht en wat 
ontdooid werd en verzwegen 

ook blij dat het werd vastgelegd 
want op foto gaat het nooit voorbij. 


© bert deben 
Antwerpen, donderdag 31 augustus 2017, 
bij een foto van 20 jaar terug - fotograaf: Frank B. 


vrijdag 25 augustus 2017

Een jonge god vraagt



 
 
 
 
 
 
 
 
.
 
Een jonge god vraagt
‘alles goed ?’
alles is wel heel erg veel
maar het kan erger hier op aarde
 
dan vraagt hij
‘sigaret?’  

de jonge god komt
uit een oosters land 
waar lidwoorden onnodig zijn
en de gevaren van het roken
verwaarloosbaar klein
in vergelijking met bestaan  

ik rook niet maar kijk
hem bewonderend aan
‘jij seks met mij?’
hoor ik hem vragen  

de jonge god komt
uit een geloofsleer 
waar alles een prijs heeft
en zonden onschuldig zijn
als het een bijverdienste is
en de ander betaalt 

ik bedank hem beleefd
voor het aanbod 
ik ben alleen maar een dichter
op zoek naar iets
om te schrijven
 

© bert deben
Antwerpen, donderdag 24 augustus 2017.
 
 
werd gepubliceerd in digitaal tijdschrift Po-e-zine nr 15 feb. 2018 
 + in bundel 'Vertalersweelde - 52 reflecties op Oden 4.1 van Horatius' van Stichting Spleen feb. 2020 

donderdag 23 februari 2017

De Juwelen / Les Bijoux - Charles Baudelaire + La Plainte d'une Perle noire

      
DE JUWELEN

Mijn lieveling was naakt, en om mijn hart te winnen,
Had ze alleen haar klinkende juwelen aan;
Als in hun blijde jeugd Noord-Afrika’s slavinnen
Was zij door die zo rijke tooi niet te weerstaan.

Haar opschik danst met schel getinkel, lijkt te spotten,
Als zij de wereld van metalen samenbrengt
Met die van edelsteen; ik ben daarop verzot en
’t verrukt me als geluid met lichtglans zich vermengt.

Vanaf haar hoge divan glimlachte ze toen tegen
Mijn liefde, diep gelijk de zee, die langzaamaan
Naar haar, als naar een rotskust, kwam omhooggestegen;
Zo lag ze en zo bood ze mij haar liefde aan.

Met verdroomde air beproefde ze wat poses,
Haar ogen star als een getemde tijgerin,
Nieuwe bekoring kregen haar metamorfoses,
Toen onbevangenheid versmolt met geile zin;

Haar armen en haar benen, lendenen en dijen,
Haar buik, van olie glanzend, welvend als een zwaan,
Mijn helderziende blik mocht zich erin vermeien,
Haar borsten zag ik (ach, als druiventrossen) aan;

Ze lokten me nog meer dan Satans Serafijnen,
De rust verstorend die mijn ziel gevonden had,
Om haar van de kristallen rots te doen verdwijnen
Waarop zij kalm en zelfgenoegzaam nederzat. 

Ik dacht in haar een nieuwe mensvorm te ontdekken,
Antiope van heup, een tors van jongeman,
Zozeer bewees haar leest de schoonheid van haar bekken,
En op haar wild, bruin vel werkte de schmink briljant!

- Toen heeft de olielamp zijn schijnsel later smoren,
Alleen het gloeien van de haard was nog niet uit,
En steeds wanneer het vuur vlammend gesis liet horen,
Bevloeide het bloedrood de amber van haar huid! 


Charles Baudelaire  vertaling Peter Verstegen

n.a.v. het verschijnen van de spraakmakende bundel 'Les fleurs du mal' van Charles Baudelaire, bracht de Nederlandse Stichting Spleen de tweetalige bundel 'Als engel, maar met roofdierogen / je t'adore à l'égal de voûte nocturne' uit, met enerzijds gedichten van Charles Baudelaire, anderzijds reflecties op deze gedichten door andere dichters.
 
meer info rond de bundel en de voorstellingen hier van kan men vinden op:
 
ik kreeg 'De Juwelen' toegewezen als gedicht en ook al is de bundel een ode aan Baudelaire, mijn repliekgedicht werd dat heel wat minder.  Ik kroop in de huid van de Afrikaanse dame uit het gedicht en schreef van uit een feministische reflex een heel wat minder flatterend antwoord aan de schrijver zelf. Voor sommigen misschien wat ruw en vulgair, maar was nu net Baudelaire dat in zijn tijd ook niet ...
 

LA PLAINTE D’UNE PERLE NOIRE 

Ik ben jouw zwarte hoer, jouw beeld van wat 
een vrouw moet zijn, een portie onderdelen 
bekken, borsten, dijen, een lichaam dat 
alleen nog maar gekleed is in juwelen 

en verlangend op en neer schuift rond jouw paal 
je noemt mij duivels en een vat vol lust 
de zwarte bekroning van jouw bacchanaal 
verboden kleur, bezorger van onrust 

maar wat ben jij - een grauw lijf vol abcessen  
een blanke die, ook al is het gestolen 
als alle overheersers hier het geld bezit 
een uitbuiter achter woorden verscholen 

al beschrijf je nog zo mooi de excessen 
ik dans voor een aalmoes op jouw etterend lid. 


Bert Deben












.
LES BIJOUX

La très chère était nue, et, connaissant mon cœur,
Elle n’avait gardé que ses bijoux sonores,
Dont le riche attirail lui donnait l’air vainqueur
Qu’ont dans leurs jours heureux les esclaves des Mores.

Quand il jette en dansant son bruit vif et moqueur,
Ce monde rayonnant de métal et de pierre
Me ravit en extase, et j’aime à la fureur
Les choses où le son se mêle à la lumière.

Elle était donc couchée et se laissait aimer,
Et du haut du divan elle souriait d’aise
À mon amour profond et doux comme la mer,
Qui vers elle montait comme vers sa falaise.

Les yeux fixés sur moi, comme un tigre dompté,
D’un air vague et rêveur elle essayait des poses,
Et la candeur unie à la lubricité
Donnait un charme neuf à ses métamorphoses ;

Et son bras et sa jambe, et sa cuisse et ses reins,
Polis comme de l’huile, onduleux comme un cygne,
Passaient devant mes yeux clairvoyants et sereins ;
Et son ventre et ses seins, ces grappes de ma vigne,

S’avançaient, plus câlins que les Anges du mal,
Pour troubler le repos où mon âme était mise,
Et pour la déranger du rocher de cristal
Où, calme et solitaire, elle s’était assise.

Je croyais voir unis par un nouveau dessin
Les hanches de l’Antiope au buste d’un imberbe,
Tant sa taille faisait ressortir son bassin.
Sur ce teint fauve et brun le fard était superbe !

– Et la lampe s’étant résignée à mourir,
Comme le foyer seul illuminait la chambre,
Chaque fois qu’il poussait un flamboyant soupir,
Il inondait de sang cette peau couleur d’ambre !


Charles Baudelaire
.








Pour ma réponse, je me suis mis dans la peau de la femme dans le poème, une femme consciente, féministe et pas vraiment impressioné par l'écrivain:


LA PLAINTE D’UNE PERLE NOIRE

Je suis ta putain noire, ton image de ce
qu’une femme devrait être, un nombre
de portions : des hanches, une poitrine, des cuisses
un corps habillé seulement de bijoux

qui glisse languissant de haut en bas autour de ta bite
tu m’appelles diabolique, un tonneau plein de luxure
couronnement noir de ta bacchanale
couleur interdite, porteuse d’agitation

et toi, qu’es-tu ? – un corps livide plein d’abcès
un homme blanc qui, comme tous les oppresseurs ici
possède tout l’argent, même s’il est volé,
exploiteur se cachant derrière les mots

tu décris voluptueusement les excès, mais moi je danse
sur ta queue suppurante, pour une simple aumône.


Bert Deben