Posts tonen met het label Herman. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Herman. Alle posts tonen

vrijdag 17 december 1999

40


Met veertig start het echte leven 
en wat geweest is, is voorbij 
dat zet je als ballast opzij 
wat telt is naar de toekomst kijken 

de toekomst, dat is kort omschreven 
wat jij na 40 overhoudt 
perfect een leeftijd welbeschouwd 
om te vergeten en vergeven 

vergeet de foutjes uit jouw jeugd 
en scheldt uzelf uw zonden kwijt 
maar ook die van uw schuldenaren 

herboren wordt je, met de deugd 
van afstand nemen van wat spijt 
en littekens uit jonge jaren. 


© bert deben 

Turnhout, vrijdag 17 december 1999, voor Herman.  
op een kaart voor een 40ste verjaardag. 

 

zondag 30 augustus 1998

Een huis gevuld met kilte


Je hoorde ook geen woorden meer 
verschenen als wij beiden waren 
behangpapier dat vele jaren 
stralen zon opving en op een keer 

de laatste tint verloor, niet meer 
dan slechts een muur om naar te staren 
geen woorden maar ook geen gebaren 
geen kleuren die ik zo begeer 

en elke dag was als de dag 
voordien een langgerekte stilte 
geen vrolijkheid en ook geen lach 

een huis gevuld met enkel kilte 
dat mij geen ander uitzicht bood 
dan op een dorsten naar de dood. 


© bert deben 
Antwerpen, 30 augustus 1998, aan Herman. 

 .

zaterdag 9 november 1996

Onrustig en op drift



Het station vertrekt en laat me
eenzaam achter in een volle trein
straks, zal ik met iemand anders zijn
zo ben ik, maar dat ontgaat me

ik denk aan jou ... je verraadt me
niet wat jij verlangt of voelt, jouw pijn
verdwijnt in stilte, jouw angst in schijn
jouw zwijgen overlaadt me

mijn leven was een open schrift
dat jij dan weer niet lezen wou
ik was op zoek, ik was ontrouw
en heb dat in jouw vlees gegrift

ik was onrustig en op drift
en hoopte op respons van jou.


© bert deben
Trein A’pen – Bxl, 9 nov. 1996 / Londen, 10 nov. 1996, voor H. 

 



vrijdag 25 oktober 1996

We hebben niets meer te verhalen ...

.


Stilleven
met 2 vragen

We zitten in een praatcafé
we praten niet – ik bewonder
het interieur en onder-
tussen nip ik van mijn thee

je zit naast mij en drinkt iets mee
een soort jenever en zonder
iets te zeggen kijk je rond – er
hangt een stilte tussen ons getwee

we hebben niets meer te verhalen
ik neem het bierviltje dat voor mij ligt
en schrijf tot deze zin toe dit gedicht

dan vraag je stil: “Zal ik betalen ?”
zo weet ik tevens dat we gaan
ik doe alvast mijn jas maar aan.


© bert deben
Antwerpen, vrijdag 25 oktober 1996, voor H.
.
.

donderdag 10 oktober 1996

De bundel waaruit je mij gedichten las

.

De bundel waaruit je mij gedichten las  (*) 
verdween al gauw weer in de kast 
en het alledaagse maakte het samenzijn 
tot een lang en saai verhaal 

ik telde nog de korrels zand 
in een woestijn 
berekende de verbittering en de steden 
waar we nimmer zouden samen zijn 
 
en merkte dat ik eenzaam was  
 
in de plaats van het gemis in mij 
las jij alleen nog maar de krant. 


© bert deben 
Antwerpen,in bad, dond. 10 oktober 1996, voor H. 
(*) ‘Hanestaart’ van Tom Lanoye. 


vrijdag 30 augustus 1996



Noem mij niet Schat 
ik haat dit godverdomd cliché 
van twee verloren zielen die 
vernielend door het leven gaan 
waanbeelden boetseren en elkaar 
castreren met oeverloos geslijm 
als woorden schat en lieveling 

om dan een leven lang 
gebruik te maken van elkaar 
denkend dat eenzaamheid 
draaglijker is met twee.  
 
 
© bert deben 
Antwerpen, 30 augustus 1996, voor H.

 

 

woensdag 24 april 1996

Miskend poëet steekt stad in brand!


schilderij: 'The madness of Nero' by Eric Armusik 
 

Bericht van Nero  


Ik wou dat ik jouw krant kon zijn
en dat jij mij een keer intens zou lezen
en dat verklaart waarschijnlijk mijn
drang om alsmaar interessant te wezen  

ik doe alvast de meeste gestoorde dingen
om toch jouw aandacht te verkrijgen
van gedichten schrijven tot folteringen
het stemt jou enkel maar tot zwijgen  

wat ik ook doe of wat ik laat
het deert jou niet – je kijkt niet op
je steekt  je hoofd diep in de krant
en leest hoe ’t met de wereld gaat …  

lees morgen maar de krantenkop:
“Miskend poëet steekt stad in brand!” 
 

© bert deben
Turnhout, woensdag 24 april 1996, voor Herman.
 


dinsdag 27 februari 1996

Geen briefjes meer



Mijn vriend schrijft mij geen briefjes meer
want zoiets pas niet in zijn stijl
in lieve woordjes zit geen heil
en vroeger dan, is mijn verweer

ach ja, hij deed dat wel een keer
het was toen jacht, hij stond wat geil
maar dat romantische gekwijl
dat hoeft voor hem vandaag niet meer

het is onnozel tijdverdrijf
voor iemand uit de middenstand
hij heeft een zaak, hij leest de krant
hij denkt dat ik wel bij hem blijf.


© bert deben
Antwerpen, dinsdag 27 februari 1996, voor H.



in 1996 gepubliceerd in literair tijdschrift Gist, jg 19 nr 3. 

maandag 29 januari 1996

Een masker en een rookgordijn



Ik werd door sommigen benijd 
voor een zoveelste compliment 
maar liefde, aandacht, alles went 
doch niemand ziet hoezeer ik lijd 

ik camoufleer neerslachtigheid 
al lachend en met schrijftalent 
maar als je niet gelukkig bent 
en steeds de zin in ’t leven kwijt 
dan is de schoonheid schone schijn 

wat room op een bedorven taart 
een masker en een rookgordijn 
het mooi zijn is niet zoveel waard 
als dit al jaren gaat gepaard 
met steeds maar dood te willen zijn. 


© bert deben 
Versie april 2021, origineel Antwerpen, 29 januari 1996, voor H.  

 

 .

zaterdag 9 december 1995

Wat baten kaars en bril …

 

 WAT BATEN KAARS EN BRIL  … 
      (n.a.v. een boek van ene Dr. Dyer) 
 
Je toont het onbetwistbaar aan:
ik ben als mens geheel alleen
er is er zoals ik maar één
en niemand kan mij dus verstaan

je duidt ook dat er zich in mij
geen enkel mens verplaatsen kan
men vindt geen inzicht in mijn plan
het gaat aan iedereen voorbij

beperktheid is ’s mens grootste doem
daar heb ik mij bij neergelegd
maar als nu alles wordt gezegd
en ook in een gedicht vernoemd
dan word ik toch wel triest en stil
dat jij het niet eens lezen wil. 
  
 
© bert deben  
Antwerpen, 9 december 1995, voor H. 

 .

woensdag 29 november 1995

De mens is slechts een half wezen

 .



De mens is slechts een half wezen 
op zoek naar liefde en verdriet 
dat laatste mag hij dan wel vrezen 
maar zonder kan het eerste niet  
 
wat men ook hoort of men ook ziet 
of wat men schrijft ook of kan lezen 
de mens is slechts een half wezen 
op zoek naar liefde en verdriet.  
 

© bert deben 
Turnhout, 29 november 1995, voor Herman.  
 


dinsdag 28 maart 1995

Op een dag zal ik er niet meer zijn

.
.
Op een dag zal ik er niet meer zijn 
het eten niet meer klaargemaakt 
de was nog vuil, onaangeraakt 
de afwas en het porselein 

nog enkel stof in jouw domein 
er wordt niet langer schoongemaakt 
aan alle klussen wordt verzaakt 
op een dag zal ik er niet meer zijn 

je merkt niet eens dat ik verdwijn 
hoe ik van binnenin verteer 
met elk gemis een beetje meer 
tot niets nog rest behoudens pijn 
op een dag, zal ik er niet meer zijn.


© bert deben
Antwerpen, dinsdag 28 maart 1995, voor H. 

 

.
.

dinsdag 7 maart 1995

Mijn vriend wou vreemd gaan



Mijn vriend wou vreemd gaan voor een keer 
eens tussen ander vlees vertoeven 
het hoefde mij niet te bedroeven 
’t was enkel seks en echt niet meer  
 
ik zou staan kijken van hoezeer 
zoiets de sleur wel kon ontstroeven 
misschien moest ik het zelf beproeven 
’t is enkel seks en echt niet meer  
 
want staan wij daar niet open voor 
zo af en toe een avontuur 
een ander vriendjes tussendoor 
dat zit toch in onze natuur  
 
nochtans keek hij behoorlijk zuur 
toen hij mij later zo verloor.  
 
 
© bert deben 
Antwerpen, 07 maart 1995, voor Herman. 

.

dinsdag 27 september 1994




ik wil geen bloemen 
geen cadeaus 
ik hoef niet eens een losse roos 

ik wil alleen maar dat 
je heel oprecht 
'ik zie je graag' 
of zoiets zegt ... 


bert deben 
Antwerpen, 27 sept. 1994, voor H. 





vrijdag 29 oktober 1993

Wegwerpmaatschappij

 .

Als wij straks elkaar verloren zijn
en kijken in een andere richting
zoekend naar een verse lichting
nieuwe vaten van eenzelfde wijn

en als we dan, op latere termijn
zonder enige verplichting
zonder vormen van betichting
twee vervreemde vrienden zullen zijn

zullen wij dan netjes als tevoren
heel vanzelfsprekend, ik en jij
soms noest, soms zielig en soms blij
anderen beminnen en bekoren

hoe flexibel moet men zijn geboren
in deze wegwerpmaatschappij?


© bert deben
Antwerpen, 29 oktober 1993, voor H. 


 gepubliceerd in Gist jg. 17 nr. 4 - 1994 

zaterdag 3 juli 1993