Posts tonen met het label kleine zekerheden. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kleine zekerheden. Alle posts tonen

dinsdag 27 september 2016

Altijd ergens wij

 
.
Ergens altijd wij 

We zijn reeds jaren later
en als ik wakker word naast jou
ontsteel je mij nog steeds een lach 
 
al is het dan een grijze dag
of ga ik weer een eigen weg
nog voor ik ga dan denk ik liefdevol
wat ik niet altijd zeg
 
want altijd is misschien te veel
maar als er iets voor altijd mag
hier tussen groot en grijs en klein
dan kies ik graag een leven lang
 
om altijd ergens ‘wij’ te zijn. 
 

© bert deben
Antwerpen, L.O., donderdag 22 september 2016,
zittend bij de Cosmogolem aan de Schelde. Voor Ruud.
foto: Gravensande strand - Herman Thijs


dinsdag 1 oktober 2013

Louter voor de tederheid

. 
.
Soms wil je het bevestigen
vier woorden zijn daarbij genoeg
en niet omdat het werd gevraagd
of dat er twijfels zijn verrezen

maar om de vragen te voorkomen
nog voor dat dit tot onmin leidt
je fluistert het, of schrijft het op
en laat het achter om te lezen

vier woordjes, maar dan wel gemeend
met bloemen bij en/of een zoen
of op een kaart met een gedicht

want dichters willen graag wat kwijt 
en niet voor geld of voor de eer
maar louter voor de tederheid.


© bert deben
Vogelwaarde, maandag 30 september 2013, voor Ruud. 
. 

zaterdag 5 september 2009

Kleine Zekerheden

.
.
Kleine Zekerheden
.
Het lijkt wel of het groter wordt
de liefde en hoe ik geniet
van het dessertje op mijn bord
dat jij met sausjes overgiet
  
ik smul van jou en blijf maar eten
ook als je straks niet bij me bent
dan word ik zelfs nog naverwend
alleen al maar door het te weten
  
je bent, zeg ik dan heel bescheiden
van mij, van mij, van mij alleen
terwijl ik jou met mij bedelf
  
want ook al ga je straks weer heen
en ben je meer nog van jezelf
de weg zal weer naar mij toe leiden.
  
   
© bert deben
Berlijn, zaterdag 5 september 2009, voor Ruud

.

.

vrijdag 24 juli 2009

De woordjes glijden langzaam binnen

 

De woordjes glijden langzaam binnen
met een deeltje van mezelf 

al zou ik graag ook helemaal
verdwijnen   

in een kamertje van jou 
met zicht op een zacht gemoed 
en een zee van tijd   

de zon schijnt buiten niet te fel
maar binnen straal je door me heen  

zo klein en warm en heel alleen
er niet meer zijn  

en toch nog wel. 
 

© bert deben
Antwerpen, vrijdag 24 juli 2009, voor Ruud.
 


zondag 4 oktober 1992

Zekerheden



Zekerheden – bert deben

Hij zapte van post naar post … “28 zenders en niets op T.V.! Hier, zoek jij maar of er nog iets te vinden is!” Minachtend duwde hij de afstandsbediening in de handen van Claudia. Claudia drukte op enkele toetsen, wachtte telkens enkele seconden en duwde dan op de Off-toets.

“Dan ga ik maar slapen!” sprak hij op verveelde toon. Het was net 10 uur geweest.
“Nu reeds?” vroeg Claudia. Zelfs naar zijn normen was dat vroeg.
“Ah ja, wat moet ik anders, er is niks meer op T.V.!”
“Is televisie dan het enige dat telt voor jou!?”
“Wat is er anders nog!?” 
De vraag klonk heel oprecht, niet retorisch, zoals een vraag als deze zou moeten klinken. Ze behoefde een kalm en overdacht antwoord, in dit geval althans.
“Wel, ik kan bijvoorbeeld wat muziek opzetten, je kan daar wat naar luisteren, of je kan ondertussen in een boek lezen …” Claudia bedacht dat ze na een werkdag ook niet te veel mocht verwachten en herpakte zich: “… je kan wat in de T.V.-gids lezen!”
“Hmm …” was het bedenkelijke antwoord aan de andere kant van de zetel.
“… of, je kan mij een keer in je armen nemen … wat knuffelen, of gewoon even goed vasthouden?”
“En dan!?” klonk het tamelijk bitsig en met een ondertoon van ‘wat moet daar dan op volgen?’
Claudia wist dat ze op het punt stond een delicaat onderwerp aan te snijden, maar voelde dat het daarvoor niet het geschikte moment was. Ze antwoordde voorzichtig:
“En dan niets … meer moet dat niet zijn, soms heb ik daar gewoon even behoefte aan!”

Er volgde een stilte die bol stond van de gedachten. Claudia observeerde het gezicht van de man waarvan ze een jaar geleden genoeg had gehouden om te beslissen bij hem in te trekken. De gespannen rimpeltjes op zijn voorhoofd verraadden de moeite die hij had met het vertalen van wat zij zonet gezegd had. Of niet? Misschien begreep hij haar maar al te goed, maar viel het hem vooral zwaar om een antwoord te vinden hierop. Of wist hij best wat te antwoorden, maar was de toon waarop Claudia sprak net iets te zacht geweest om dat in haar richting te slingeren?

“Waarom kijk je zo naar mij!?” brak hij de stilte. Claudia schrok niet op. Ze wist dat hij dat niet hebben kon. Maar ze wist ook hoe ze op zijn opmerking moest repliceren: “Omdat ik je graag zie!” Claudia wist dat hij het altijd moeilijk had om te praten over iets als ‘gevoelens’. Dus even ‘schaak’. 

“Zet dan wat muziek op hé, als je dat perse wil!”
De toon waarop hij dat zei was niet echt van veelbelovende aard, maar Claudia stond kalm recht, ging naar het platenrek, koos heel bewust een elpee uit en legde die op de draaischijf. Even later vulden zacht reggae tonen de achtergrond. Daarna ging ze terug in de zetel zitten, op net dezelfde plaats als daarnet, op zo’n 20 cm van hem verwijderd. Ze wachtte af …
Hij zette zich wat rechter, snoof even, nam de T.V.-gids, bladerde er wat in zonder echt aandacht te schenken, mompelde dan iets onverstaanbaars en gooide de gids terug op het bijzettafeltje, leunde weinig ontspannen achterover. 

“Ik kwam vanmorgen bijna te laat op het werk!” zei hij plots. “De trein had vertraging!”
Even was er weer stilte. Claudia keek vluchtig op de klok – kwart over tien – keek dan weer in zijn richting, slikte een gedachte weg en antwoordde daarna schier geïnteresseerd: “Was er dan een accidentje gebeurd of zo?”
“Weet ik veel! Het is altijd wel wat. Misschien zou ik beter een trein vroeger nemen … maar ja, dan moet ik ook weer een kwartier vroeger op!”
“Tja, half zeven is al wel vroeg genoeg.” voegde Claudia er aan toe.

Een tijdlang was het weer stil. Claudia luisterde naar de muziek, probeerde niet te denken. Ze keek ook niet meer in zijn richting, ze wachtte zelfs niet meer af. Toen de elpee beëindigd was stond Claudia weer op, draaide de plaat om en drukte weer op de play toets. Daarna ging ze naar hem toe, gaf hem een emotieloze zoen op zijn voorhoofd en zei: “Slaap wel!”
“Hoezo, ga jij slapen? En de muziek dan!? Voor mij hoeft die niet te spelen hoor!”
“Neen, die blijft nog even spelen voor mij. Ik ga nog niet slapen, ik ga eerst even douchen en achteraf nog wat lezen.”

Ze wachtte niet op een antwoord, draaide zich om en ging richting de badkamer. Ze wist dat, als ze een kwartiertje later weer in de woonkamer zou komen, hij er niet meer zou zijn. Soms, is het aangenaam om zulke zekerheden te hebben.


Werd gepubliceerd in literair tijdschrift Gist, jg. 16 nr. 1, januari 1993.