Port
des Torrent, Ibiza, bij het zwembad, 13 juli 1998, voor Dana.
n.a.v. Internationale Coming Out Dag op 11 oktober
Te goeder trouw
Ik
verhang mij aan de woorden
die ik wijs beloofde met beleid
en gevoel, maar ik raak je
kwijt
aan mijn verleden (ik
vermoordde
veel van wie ik was) en je
hoorde
weer aan het timbre van mijn
stem
hoe gekunsteld ik soms op de
rem
ga staan van mijn te lang
verstoorde
denkpatroon. Ik zie je graag, en
toch
terwijl ik zo kan ‘houden van’
blijf ik als altijd in de ban
van vreemde gangen en bedrog.
© bert deben
Antwerpen,
27 september 1998, voor Frank B.
herwerkt
15 mei 2021.
.
Je hoorde ook geen woorden meer
verschenen als wij beiden waren
behangpapier dat vele jaren
stralen zon opving en op een keer
de laatste tint verloor, niet meer
dan slechts een muur om naar te staren
geen woorden maar ook geen gebaren
geen kleuren die ik zo begeer
en elke dag was als de dag
voordien een langgerekte stilte
geen vrolijkheid en ook geen lach
een huis gevuld met enkel kilte
dat mij geen ander uitzicht bood
dan op een dorsten naar de dood.
© bert deben
Antwerpen, 30 augustus 1998, aan Herman.
.
Een zeemeerman van 100 jaar en nog wat dagen
was het beu om steeds een staart te dragen
en had nog maar 1 grote wens:
hij wilde leven als een mens!
Hij wilde springen, rennen, lopen
en in een winkel dingen kopen
die hij als vis niet nodig had
het liefs te veel, van alles wat
en minstens 1 keer in de week
gaan dansen in een discotheek
en daar een meisje leren kennen
dat hij zou strelen en verwennen!
Zo zat hij weer een keer te dromen
dat ooit zijn wens eens uit zou komen
toen plots een kleine kabeljauw
hem zei: “ik maak een mens van jou
maar ik wil ook iets uiteraard
in ruil daarvoor wil ik jouw staart!”
De zeemeerman vond dit OK
‘die staart’ dacht hij ‘snel weg daarmee!’
Dezelfde dag stond hij op strand
met benen aan zijn onderkant
van nu begon zijn mensenleven
't geluk dat duurde slechts heel even
want mens zijn was niet wat het leek
hij kon niet naar een discotheek
hij kon niet dansen, zelfs amper lopen
had ook geen geld om iets te kopen!
Een mens te zijn, dat viel hem zwaar
hij was tenslotte 100 jaar
wat jong is voor een zeemeerman
maar als mens ben je versleten dan …
Hij wilde graag terug in zee
maar zwemmen kon hij ook niet, nee
zo zonder staart en zonder vin
durfde hij niet eens het water in!
Wat later las men in de krant:
“Gevonden langs de waterkant,
een oude man, men kent hem niet,
gestorven denkt men van verdriet.”
© bert deben
Port des Torrent (Ibiza) bij het zwembad, 20 juli 1998, voor Dana.
De dood springt mee het water in
en luistert naar mij als ik zwem
mijn diepste leed vertel ik hem
en ook hoezeer ik hem bemin
‘elk einde is een nieuw begin’
verzekert hij met koele stem
omarmt mij teder in een klem
en neemt mij mee de diepte in
ik zie voor mij mijn levensloop
en al de pijn en het gemis
en hoe ik alles liet begaan
terwijl de doodsdrang binnen sloop
verzinkend in de duisternis
zie ik opeens mijn kind ook staan.
© bert deben
Port Des Torrent, Ibiza, bij het zwembad, 18 juli 1998.
foto: onderwater museum in Cancun, Mexico
Twee laatste strofen volledig nieuw 30 december 2007.
Originele eindstrofes:
ik zie voor mij mijn levenslot
de schoonheid ook, ik zie zelfs God
en hoe wat dood lijkt toch nog leeft
terwijl de Dood nog aan mij kleeft
en ijzig raakt tot op het bot
voel ik hoe alles liefde geeft.
Domme DrarisIk weet niet of het een gevaar ismaar in de zoo van Londen daar iseen kameel die soms wat raar ismen noemt hem stiekem Domme Drarishij was vroeger secretarisen een politiecommissarismet een reuzengroot salarismaar hij studeert nu voor notarisal weet men wel dat dit niet waar ismen weet dat Domme Drarisdan niet echt een leugenaar ismaar gewoon wat half gaar isals hij ’s avonds in peignoir isbeweert hij dat hij ooievaar ismaar de dagen dat hij ’t minste raar iszegt hij: ik ben een dromedaristerwijl ’t voor ieder zonneklaar is:twee bulten heeft hij, dus officieelis Domme Draris een kameel!© bert debenPort des Torrent, Ibiza, aan het zwembad, 17 juli 1998, voor Dana.
ZelfportretIk ben wie ik ben en meer ook nietsoms keizerlijk, soms onderdaansoms vol talent, soms onbekwaamik ben mijn glimlach en verdrietik ben wat men niet altijd zieteen speeltje in een grabbeltonmaar ook de ondergaande zonzowel subtiel als explicietik ben het water in de wijnde kruiden en het zout der zeesoms ongelukkig, dan weer blijen even zuiver als onreinsoms leef ik graag en met je meesoms mag het ophouden van mij.© bert debenTurnhout, 23 juni 1998.
.