Mijn droomhuis in Lillo kijkt uit op de Schelde de Schelde stroomt eeuwig, de dichter droomt en staart in de verte naar enkel stilte hij voelt hier in hem hoe gemoedrust ontkiemt
Het jaar werd afgesloten met woorden vol verwachting, een beetje beterschap, een grap een liefdevol voorbijgaan (de toekomst) – ik snap opnieuw weer de essentie: ik overleefde
mezelf, de pijn, de reden van het moeten zijn (buikspieren gespannen voor de laatste klap) ik train mezelf tot niet meer voelen, tot elke zenuw moe van al het vechten opgeeft – ik zie
met nieuwe ogen, hoe alles verder leeft (oude wijn in nieuwe zakken) maar streeft naar steeds opnieuw hetzelfde zijn, in andere vormen een wereld vol vergeten en herhalen, stalen van
mijn vorig leven: het is koud daar buiten, het is koud hier binnen ook, alleen de kachel doet alsof.