donderdag 15 juni 1995

Minnaar

Uit de tentoonstelling 'Poetry in the Picture'


gedicht: Antwerpen, 15 juni 1995 - foto: Ruud, Vogelwaarde, 2008
gepubliceerd in Gay Magazine 'Uitkomst' 2000
gepubliceerd in bundel 'Na het vrijen steek ik een gedicht op' 2016

maandag 5 juni 1995

Weide



Weide 

Zo wil ik sterven 
in een weiland 
vreemde vereenzaamde dichter 
één met het gras 

het wordt kouder 
duisternis begraaft mijn lach 
ik verlang naar ontslapen 
wazig van het onvermogen 
om morgen te zien 

de poort naar de hemel 
reikt mij de leegte aan 
ik verwijt het leven mijn eenzaamheid 
het leven verwijt mij niets 

humus word ik  
na vele jaren onrijp te zijn 
één met de aarde 

eindelijk iets van betekenis. 


© bert deben
Chêne-Al-Pierre, 05 juni 1995. 

 


vrijdag 26 mei 1995

Mannen, ach …

 .
 
 
 
 
 
 
 
 
 .
 
 
 
 
 
Mannen, ach …
 
ik laat ze graag belangrijk zijn
en doe me voor als tamelijk klein
en als ze dan, na lang beslissen
zich weer eens blijken te vergissen
dat toon ik, zonder dat ik iets maar zeg
hen heel subtiel, de juiste weg
 
 
© bert deben
Han sur Lesse, 26 mei 1995, verloren in het bos, voor H.
foto © bert deben 2015 uit de reeks ‘van 10 hoog’

 
Hij was vroeger padvinder en vond het zijn taak om met kompas, horloge en wandelrouteplan alles uit te stippelen tot in de puntjes. Meestal waren we halverwege de weg kwijt, waarna hij het plan bestudeerde, de stand van de zon vergeleek met de tijd op zijn horloge en met kompas nauwgezet het verloren eindpunt bepaalde. Ik zat ondertussen dan wat te lezen of at een appel of deed ideeën op voor een gedicht.

In dit geval duurde de pauze een tiental minuten, waarna hij, met veel uitleg en gebaren, vertelde welke weg we moesten nemen, samen met een exacte tijdsbepaling van hoe lang het nog zou duren voor we die plaats zouden bereiken. Ik antwoordde bedaard: “Volgens mij moeten we de andere richting uit …”. Rood aanlopend en verontwaardigd herhaalde hij nog een keer zijn uitleg, samen met het verhaal van de prijs die hij ooit behaalde voor beste padvinder (heel erg lang geleden …) en de dogmatische boodschap dat we zijn weg moesten volgen en geen enkele andere!

Ik antwoordde rustig: “Doe jij maar, ik ga de ander richting uit …”. Venijnig vroeg hij mij waarom ik dan wel die richting uit wou gaan, terwijl ik hoegenaamd geen enkel besef van oriëntatie had, noch enige kennis van padvinderij! Waarop ik hem attent maakte op het bordje met de richtingwijzer, waarop duidelijk de naam stond van het plaatsje waar we naartoe moesten. Achteraf zou blijken dat hij ook niet kon lachen met dit gedicht. 

gedicht werd gepubliceerd in Literair tijdschrift Gist jg 19 nr 4, 1996 

woensdag 19 april 1995

Geïnterneerd

.
.

Geïnterneerd

. 
Het licht wordt dagelijks gedoofd
met druppels, pillen en een spuitje
zo zit ze bleekjes in een truitje
met ijle ogen in het hoofd
 
haar dromen werden haar ontroofd
de storm is nauwelijks nog een buitje
ze staart naar dode woorden uit je
mond, die ook jijzelf niet meer gelooft
 
een droevig uitgeleefd gezicht
van dagelijks vierentwintig uren
zelfs 5 minuten kan lang duren
als je tot schaduw werd ontwricht
 
de deur gaat open en weer dicht
haar beeld blijft bij als een gravure.
 
 
© bert deben
Antwerpen, 19 april 1995, voor Linda. 



Werd gepubliceerd in Gist jg 19 nr 6, 1996. 

vrijdag 31 maart 1995


Blauwhelm

 

Vlak voor jouw vertrek

gaf ik een heel klein stukje

van mezelf cadeau

waarna je mij omhelsde

alsof het de wereld was.

 

 

© bert deben

Antwerpen, vrijdag 31 maart 1995, voor Roland M.

.

.

donderdag 30 maart 1995

 


Ik wou dat ik een eendje was 
gevoederd door de mensen 

oud brood en in een vieze plas 
en verder zonder wensen. 


© bert deben 
Postel, 30 maart 1995. 




dinsdag 28 maart 1995

Op een dag zal ik er niet meer zijn

.
.
Op een dag zal ik er niet meer zijn 
het eten niet meer klaargemaakt 
de was nog vuil, onaangeraakt 
de afwas en het porselein 

nog enkel stof in jouw domein 
er wordt niet langer schoongemaakt 
aan alle klussen wordt verzaakt 
op een dag zal ik er niet meer zijn 

je merkt niet eens dat ik verdwijn 
hoe ik van binnenin verteer 
met elk gemis een beetje meer 
tot niets nog rest behoudens pijn 
op een dag, zal ik er niet meer zijn.


© bert deben
Antwerpen, dinsdag 28 maart 1995, voor H. 

 

.
.