zaterdag 31 mei 2014

Het Huwelijk - Willem Elsschot


Het Huwelijk .
.
Toen hij bespeurde hoe de nevel van de tijd
in d'ogen van zijn vrouw de vonken uit kwam doven,
haar wangen had verweerd, haar voorhoofd had doorkloven
toen wendde hij zich af en vrat zich op van spijt. 

Hij vloekte en ging te keer en trok zich bij de baard
en mat haar met de blik, maar kon niet meer begeren,
hij zag de grootse zonde in duivelsplicht verkeren
en hoe zij tot hem opkeek als een stervend paard. 

Maar sterven deed zij niet, al zoog zijn helse mond
het merg uit haar gebeente, dat haar toch bleef dragen.
Zij dorst niet spreken meer, niet vragen of niet klagen,
en rilde waar zij stond, maar leefde en bleef gezond. 

Hij dacht: ik sla haar dood en steek het huis in brand.

Ik moet de schimmel van mijn stramme voeten wassen
en rennen door het vuur en door het water plassen
tot bij een ander lief in enig ander land. 

Maar doodslaan deed hij niet, want tussen droom en daad
staan wetten in de weg en praktische bezwaren,
en ook weemoedigheid, die niemand kan verklaren,
en die des avonds komt, wanneer men slapen gaat. 

Zo gingen jaren heen. De kindren werden groot
en zagen dat de man die zij hun vader heetten,
bewegingsloos en zwijgend bij het vuur gezeten,
een godvergeten en vervaarlijke aanblik bood.


Willem Elsschot
(Geb. Alfons De Ridder, 7 mei 1882 – 31 mei 1960)

 
‘Het Huwelijk’ is veruit het bekendste gedicht van de Antwerpse schrijver Willem Elsschot – hij schreef het op 7 mei 1910 te Rotterdam op zijn 28ste verjaardag. Vooral de zin ‘want tussen droom en daad staan wetten in de weg en praktische bezwaren’ werd een veel geciteerde uitdrukking, waarvan nog maar weinigen de oorsprong zullen kennen. Het gedicht op zich is dan weer één van de meest beruchte gedichten uit de Nederlandstalige literatuur, vooral door de voor velen toch wel heel confronterende kijk op een huwelijk. 

Elsschot en gezin

Tijdens een radio interview met de kinderen van Elsschot vertelden deze hoe pijnlijk ze het vonden voor hun moeder dat ‘Het Huwelijk’ steeds weer geciteerd werd – later zou het ook als lied bekend worden. In dat zelfde interview vertelden ze ook dat de vrouw van Elsschot binnen de 24 uur na zijn overlijden zelf zou sterven – na zijn dood bracht zij de kinderen hiervan op de hoogte, om zich daarna naast hem te leggen op het bed en kort daarna eeuwig in te slapen. Zijn as ligt samen met het lichaam van zijn echtgenote begraven op
Het Schoonselhof te Antwerpen. 

Elsschot werd vooral bekend als prozaschrijver (o.a. ‘Kaas’, ‘Tsjip’ en ‘Het Dwaallicht’)  Meer info over Willem Elsschot:
http://nl.wikipedia.org/wiki/Willem_Elsschot
of via de website van het Willem Elsschot Genootschap: http://www.weg.be/ 

Het gedicht zette mij aan om, van uit het standpunt van een gefantaseerde kennis des huizes, een antwoordgedicht te schrijven:

Het Huwelijk 
      (antwoordsonnet, vrij naar het gedicht van Elsschot,
     van uit het standpunt van een vriend des huizes)

Ze heeft hem altijd trouw gediend
tot aan zijn allerlaatste uur
vanaf ’t begin, maar ook nadien
toen hij verbitterd en verzuurd

teleurgesteld, door heel het leven
haar heeft vernederd en geslagen
ze bleef bij hem en hem vergeven
in goede en in slechte dagen

en ja, ook zij heeft wel gedacht
dat zonder beter was dan met
maar luidop heeft zij ’t nooit gezegd
zo was zij ook niet groot gebracht

en toen hij dood lag daar op bed
heeft zij er zich bij neer gelegd.


© bert deben
Frankrijk, vrijdag 23 mei 2014, 
geschreven tijdens een busrit van Duinkerke naar Calais.  


dinsdag 27 mei 2014

Je zit naast mij

.                                                                                                        
                                                                                                     
Je zit naast mij, stil
genietend van het landschap
ik geniet van jou


© bert deben
Busrit door Kent, GB, vrijdag 23 mei 2014, voor Ruud.   




maandag 26 mei 2014

Verslag van een dichter - groepsreis door Ierland, dag 2

.
Kasteelruïne - The Burren, Ierland 
Verslag van een dichter  
                     Groepsreis door Ierland, dag 2.   

De middeleeuwen hebben een lichter tintje gekregen
en hongersnood wordt opgefleurd met appeltaart
zo lekker wordt het toegelicht en aangekaart
kommer hoort bij het verleden, toerisme is een zegen

je leert wat bij en ziet dat alles beter gaat
en rijdt over door groen omgeven wegen
die altijd iets te smal zijn, het zijn stegen
dat heeft z’n charmes, vooral als er wat bouwval staat

bij ons, daar ziet je dat niet meer, of het werd afgebroken
of het werd veel te schoon gerestaureerd
hier is het netjes overgroeid, teruggekeerd
naar de natuur, want plaats genoeg hier in het groen

met sommige gebruiken wordt de draak gestoken
iets wat toeristen bij ons nooit zouden doen.


© bert deben
Busrit, The Burren, Ireland, maandag 26 mei 2014. 
.
vervallen huisje, The Burren, Ierland 


zaterdag 24 mei 2014

Groepsreis

.
Half uurtje pauze
oh, kijk daar – klik – wat mooi – klik
bestel jij alvast
taart en koffie, ga ik nog
snel dat kerkje fotograferen !


© bert deben
Betwys Y Coed, Wales, zaterdag 24 mei 2014, op weg naar Ierland. 
.
Church of Betwys Y Coed, Wales - ©bert deben 



donderdag 22 mei 2014

Mijn draakje wilde zwemmen gaan


      

 
Mijn draakje wilde zwemmen gaan
in Schotland voor een keer
een oude tante woonde daar
al jaren in een heel diep meer
het was een fiere taaie dame
die rechtop zwom, het hoofd omhoog
haar hoedje hield ze altijd droog
behalve dan met regen  

ze zag mijn draakje als een zegen
want anders was ze steeds alleen
zo zwom ze door de jaren heen
en niemand kwam ze tegen
nog nooit had zij een mens gezien
al had ze wel een keer gehoord
dat zulke wezens ongestoord
elkaar ooit hebben uitgemoord  

dus stond ze nu toch wel versteld
dat zulke schepsels toch bestonden
zoals mijn draakje had verteld
en dat zij nooit één had gevonden
‘misschien’ – zei zij – ‘zijn ze te klein
en moet ik eens een nieuwe bril
al ben ik niet echt helemaal zeker
of ik hen wel ontmoeten wil …’  

toen werd het tussen beiden stil
in tantes ogen stond een traan
ze wist dat draakje weer wou gaan
en dat zij weer alleen zou zijn
(alleen zijn doet vooral dan pijn
als iemand plots er niet meer is)
maar net zo goed kan een gemis
als aandenken ook warmte geven  

ach, ze was gewend alleen te leven
het hoofd plots opgeheven toen
gaf zij een knuffel en een zoen
een zelfgebakken cake voor bij de thee
en ook een zak met Schotse zalmen mee
daarna verdween ze in de mist

het leek of zij werd uitgewist ... 
 

© bert deben
Scotland (Highlands), 25 juli 2003, voor Dana.
 
voorafgaande draakjesgedichten:
.

maandag 19 mei 2014

De nacht van Sint-Andries

 .

De nacht van Sint-Andries
                                      Geschreven bij 2 nachtfoto’s van Marrek De Mondt 

Ik wandel ’s nachts een lichter pad 
al toont het duister in de straten 
en staan de fietsen hier verlaten 
ik zie de sterren van de stad 

ik zie de schichten op het plein 
waarvan ik stiekem beelden steel 
ze passen mee in het geheel 
waarin ik liederlijk verdwijn 

dit is de wijk die ik verkies 
hier wordt de schoonheid onderschat 
van hoe verlichting durft te schijnen 
dit is de nacht van Sint Andries 

hier stralen sterren van de stad 
hier danst het licht nog rond de pleinen. 


© bert deben
Antwerpen, dinsdag 15 januari 2014.



In de aanloop naar 20 jaar coStA, het cultureel ontmoetingscentrum van de wijk Sint-Andries te Antwerpen, was er een fototentoonstelling met ‘Impressies van Sint-Andries’, waarbij een oproep werd gelanceerd om gedichten te schrijven bij deze foto’s.  Een selectie van foto’s en gedichten werd opgenomen in een gelijknamig en mooi verzorgd bundeltje dat gratis verspreid werd n.a.v. het feestweekend dat plaats vond op het Sint-Andries plein op 24 en 25 mei 2014. 

Bovenstaand gedicht van mij werd mee opgenomen in de bundel en schreef ik bij de twee nachtfoto’s van Marrek De Mondt, een man met vele interesses (fotografie, taal en sport) die hij regelmatig deelt op zijn eigen weblog:
 
 

donderdag 15 mei 2014

Op zoek - Nicky Willekens

 .
Werd gepubliceerd in de bloemlezing “Ik draag ’t verleden van mijn kinderen in mij om”
van literair tijdschrift Iambe (1987)

 
 
Nicky Willekens schreef dit gedicht in 1987. Ik vond het toen zo herkenbaar en mooi dat ik het, met haar goedkeuring en in haar naam, instuurde naar het literaire tijdschrift Iambe, waardoor het gedicht werd opgenomen in de bloemlezing met de prachtige titel ‘Ik draag het verleden van mijn kinderen in mij om’. De titel heeft voor ons trouwens een bijkomende betekenis, Nicky is immers de moeder van mijn kind, onze dochter Dana – een extra reden om het na al die jaren toch ook hier nog even onder de aandacht te brengen, met alweer haar goedkeuring en mijn dank.
 

dinsdag 13 mei 2014

Red Bull protesthaiku

.
 
 .In de zachte bermen
liggen heel wat blikjes
Red Bull vleugellam


 
© bert deben 
Vogelwaarde, dinsdag 13 mei 2014. 
.
 
 

maandag 12 mei 2014

Welkom in mijn hoofd

.
Illustratie: Labyrinth - Mark Mayers                      
 
.
Open-minded
.
welkom in mijn hoofd
neem hier een stoel
neem daar alvast maar iets
te drinken  

ik zie je zoeken in mezelf
en hoe ik open-minded ben
maar ik vertel je wat ik wil
en wat niet aanbelangt
of wat je afkeurt
hou ik stil  

ik ruim de tafel af
en blaas het stof van
de gordijnen
opdat mijn hoofd dan lichter lijkt  

je kijkt
je zoekt
je vraagt je af
en als ik plots een licht opsteek
begin ik langzaam te verdwijnen  

mijn hoofd loopt leeg, mijn hoofd loopt vol
ik wil het iedereen graag tonen
mijn hoofd is meestal een gedicht  

en soms een huisje op een klif
waar niemand anders durft te wonen. 
 

© bert deben
Antwerpen, dinsdag 22 januari 2013.
 

 

vrijdag 9 mei 2014

Born to be wild!

 

Luchtgitaar spelend
brul ik vol overtuiging
‘born to be wild!’
achter het stuur in de auto
stilstaand in de file.  
 

© bert deben
E34, vrijdag 25 april 2014.
 
 
 
 

donderdag 8 mei 2014

De Fiere Woudreus

.
 
 
 
  
 Voor wie het Regenwoud wil sparen: FSC label
de beste garantie voor verantwoord hout en papier: 
.
 
 
 

zaterdag 3 mei 2014

In Flanders Fields / In Vlaamse Velden - John McCrae




















In Flanders Fields

In Flanders fields the poppies blow
Between the crosses, row on row,
That mark our place; and in the sky
The larks, still bravely singing, fly
Scarce heard amid the guns below.

We are the Dead. Short days ago
We lived, felt dawn, saw sunset glow,
Loved, and were loved, and now we lie
      In Flanders fields.

Take up our quarrel with the foe:
To you from failing hands we throw
The torch; be yours to hold it high.
If ye break faith with us who die
We shall not sleep, though poppies grow
      In Flanders fields.


John McCrae
Western Front, Flanders (nearby Ypres) 2/3 may 1915.

 
In Vlaamse Velden

Klaprozen bloeien in Vlaamse klei
Tussen duizenden kruisen, rij aan rij,
Die onze ligging hier duiden; en in de lucht
Zingen moedige leeuweriken, die tijdens hun vlucht
Nauwelijks hoorbaar zijn, door het geschut hier beneden.  

Wij zijn Dood.  Enkele dagen geleden
Leefden wij nog, voelden wij dag en dauw en smeedden
Wij plannen met wie wij beminden, maar nu rusten wij stug
     In Vlaamse velden.  

Zet onze strijd met de vijand voort:
Falende handen reiken aan jullie de toorts;
Aan jullie de taak deze hoog te houden.
Vervul onze hoop, opdat wij eindelijk zouden
Gemoedsrust vinden, tussen klaprozen, ongestoord
     In Vlaamse velden. 
 

John McCrae
Westelijk Front (nabij Ieper), 2/3 mei 1955.
Vertolking: © bert deben, mei 2014.

 
John McCrae schreef zijn gedicht ‘In Flanders Fields’ begin mei 1915, te midden van de verschrikkingen van de Groote Oorlog (WO I) aan het Westelijke Front. Aanleiding was het abstracte schouwspel van duizenden klaprozen die opbloeiden op het door granaatinslagen  omgewoelde slagveld, tussen de kruisen en de lijken van soldaten. Het gedicht werd wereldwijd bekend en zorgde er voor dat de klaproos uitgroeide tot hét symbool van WOI en de herdenking van de slachtoffers hiervan op 11 november (wapenstilstand). 
 
Er bestaan ondertussen heel wat vertalingen/vertolkingen van dit gedicht – ik zelf probeerde me vooral vast te houden aan het rijmschema en de sfeer – enkele andere Vlaamse versies kan je terugvinden op deze website:
van daaruit kan je ook verder doorklikken naar (Engelstalige) pagina’s over en rond de omstandigheden waarin het gedicht ontstond.