Blaast
op een dag …
Blaast op een dag een man van een onzekere godsdienst
zichzelf en een bus op en belandt hij meteen in de
hemel,
staat ie daar samen met tal van slachtoffers aan de
grote
witte poort van Gods huis. Onder andere geheel per toeval
een Jood, een Islamiet, een christen gedoopte
vrijdenker,
een om zichzelf enig élan te kunnen geven Boeddhist
en een kind dat nog geen keuzes had kunnen maken in
het
leven. Stonden
ze naar elkaar te kijken, verbaasd, de ene
al verbaasder dan de andere – daarnet nog samen in de
bus op weg naar ieder zijn eigen kleine wereldje en nu
plots hier, gans onder het bloed nog een beetje verdwaasd
van de knal en eensklaps is alles paradijselijk wit.
Opent God de poort met een glimlach van hier tot ginder
en de volgende zin : “Leuk, ik had
het net op het nieuws
gezien !” Wat later zou hij het
ook nog grappig vinden
dat ze allemaal wat anders geloofden in Hem of al
helemaal niet al naargelang de toestand van hun
rekeningen of relaties of de klappen die ze van hun
moeder en/of vader hadden gekregen in het verleden.
Toen de man met de bom, enigszins bekomen van zijn
eigen verwondering maar toch nog lichtjes fanatiek, aan
God vroeg waar hij zijn beloofde maagden, goud en
een persoonlijke stoel naast Hem mocht vinden, kon
God het schateren niet laten.
“Wat ze jullie allemaal toch
wijs kunnen maken!” Hij wist altijd al onze verwarring
tussen geloof en eigenbelang als humor te smaken.
© bert deben
